Fotograferen betekent schrijven
met licht. Als fotograaf ben je constant op zoek naar het juiste
licht in combinatie met de juiste compositie. Voor het
vastleggen van dieren komt hier nog het aspect van beweging of
actie bij. Natuurfotografie is volgens mij een van de
moeilijkste vormen van fotografie, omdat je de omgeving maar
heel beperkt naar je hand kan zetten (en ook niet naar je hand
wil zetten!). Je bent dus afhankelijk van de omstandigheden en
dat betekent dat je de situatie in het veld goed moet kennen en
daarop moet inspelen. Ook de weersomstandigheden spelen een
belangrijke rol, want die beïnvloeden de lichtval immers.
Omdat ik op de grens van de
Veluwe en het rivierengebied woon, richt ik me in eerste
instantie op deze gebieden. Door er veel tijd in door te brengen
ken ik hier veel gebieden goed en probeer dit zo mooi mogelijk
vast te leggen. Binnen de natuurfotografie kun je een aantal
disciplines onderscheiden die een verschillende benadering
vragen.
Landschapsfotografie
Voor het maken van
landschapsfoto loop ik vaak in een mooi gebied rond tijdens
goede lichtomstandigheden ('s ochtends vroeg of tegen de avond),
op zoek naar interessante beelden. Maar ook vaak heb ik vooraf
al iets in mijn hoofd en probeer dan op het juiste moment op de
goede plek te zijn.
Bij landschapsfotografie is het
belangrijkste om weg te laten wat niet belangrijk is (of wat het
beeld rommelig maakt) en je te concentreren op wat mooi is of
wat je wilt overbrengen. Daarbinnen zorg je dat de compositie
klopt, dat wil zeggen prettig is om naar te kijken. Allereerst
probeer je iets te vinden op de voorgrond dat de aandacht trekt
en je als het ware de foto "intrekt". Omdat foto's 2-dimensiaal
zijn is het van belang om diepte te creëren in je foto's. Dit
kan door gebruik te maken van lijnen of lagen in het landschap.
In Nederland zullen dit vaak lijnen zijn, omdat ons landje nu
eenmaal grotendeels vlak is. Lijnen in het landschap kan van
alles zijn. Denk bijvoorbeeld aan lanen, lichtbanen (schaduwen),
rij paaltjes, bomenrij etc. In het voorbeeld hiernaast zijn het
de lijnen in het zand (gevormd door de wind). Daarnaast is het
prettig als de foto een richtpunt heeft waar je als kijker naar
toe wordt getrokken (in het voorbeeld de boomstronk). In dit
geval wijzen er zelfs 2 lijnen (ook de wolkenband) naar het
richtpunt. Dit zijn echter dingen die je moeilijk vooraf kan
bedenken en op het moment dat ik het zag gebeuren heb ik de
camera zo geplaatst dat de wolken en de lijnen in het zand naar
hetzelfde punt gaan. Het lijneneffect wordt hier versterkt door
het lage standpunt (vanaf de bonenzak op de grond). De kleuren
zijn hier warm, omdat de foto is gemaakt in het laatste
avondlicht.

Voor het creëren van diepte kun
je ook gebruik maken van lagen in het landschap, maar zoals
gezegd is dat in Nederland lastiger. Het kan soms toch, door
gebruik te maken van heuvels, of lagen in het bos. Werken met
een telelens versterkt dan het effect (de lagen worden meer "in
elkaar gedrukt"). Dit is goed te zien bij de volgende
voorbeeldfoto. Door gebruik te maken van een
hoog punt in het landschap met een mooi doorkijkje krijgt het
bos in de vroege ochtenduren een speciaal tintje.

Fotograferen
in het bos is overigens één van de
lastigste vormen van landschapfotografie. De compositie is vaak
te rommelig en de lichtomstandigheden zwak. Nevel kan dan
uitkomst bieden. Doordat de zon probeert de nevel te verdrijven
ontstaat er soms prachtig licht, het zogenaamde kathedraallicht.
Dit is goed te zien in onderstaand voorbeeld. Een beetje
onderbelichten levert dan vaak een mooier beeld op (spannende).
De kans op dit soort licht is het grootst als het bos vochtig is
door bijvoorbeeld een regenbui of mistvorming. Deze
omstandigheden doen zich het vaakst voor in de nazomer.
Onderstaande foto is eind september gemaakt op een mistige
ochtend.

Om meer te leren over het
fotograferen van landschappen kan ik nog het boek
'Landschapsfotografie' van Ruben Smit aanbevelen.
De laatste tijd maak ik ook
regelmatig gebruik van HDR. Omdat hier nog veel onduidelijkheid
over bestaat, heb ik een stukje erover geschreven, die je via
deze
link kan openen.
Amfibieën en reptielen
Voor amfibieën en reptielen
geldt dat een rustige benadering vaak loont. Ze blijven dan vaak
zitten (zeker als ze liggen te zonnen) en kunnen vaak tot
redelijk dichtbij benaderd worden. Omdat ik van een laag
standpunt houd (zodat je de beesten in de ogen kijkt) werk ik
vaak vanaf de rijstzak op de grond. In het voorjaar zit ik
regelmatig langs poeltjes met kikkers om ze zo rustig te kunnen
vastleggen.

Samen met mijn
dochter Dieke kikkers fotograferen. Foto: Eke Hengeveld
Vogels en zoogdieren
Bij vogels en zoogdieren is een
meer omzichtiger benadering noodzakelijk. Er moet doorgaans
gewerkt worden vanuit een schuilplek om de dieren er mooi op te
krijgen. De auto kan prima als schuilhut dienen, maar je bent
dan beperkt in je mogelijkheden tot de openbare weg. Ook bevalt
mij het standpunt dan vaak niet zo (nog steeds te hoog). Voor
het grof wild kun je ergens in de dekking gaan zitten (aanzitten
genoemd) en dan afwachten wat je kant op komt. Het is dan wel
van belang om de wind in de gaten te houden. Met je neus in de
wind dus, want anders ruiken de dieren je.

In actie - schietklaar voor de harlekijneenden
(IJsland)

Soms is het niet
nodig om met een schuiltent te werken - grauwe franjepoten langs
de Laxa rivier op IJsland
De drijfhut
In mijn tienerjaren woonde ik
in de buurt van Elburg langs de randmeren. We hadden daar op een
vaste aanlegplek voor een zeilbootje. Soms gebruikte ik een
surfplank om langs het riet te peddelen. Vaak kon je op die
manier heel dicht in de buurt komen van vogels. Bij mijn wens om
watervogels ongezien te kunnen benaderen moest ik daaraan terug
denken. Er moest een manier zijn om al dobberend te
fotograferen. Toen zag ik op birdpix foto's van
Glenn Vermeersch.
Het lage standpunt en de bijzondere intieme sfeer trok me aan in
deze foto's. Glenn maakt gebruik van een drijfhut, en dat leek
me ook wel wat. Dus zodoende ben ik in de winter van 2007 aan
het knutselen geslagen. Met behulp van een paar oude stootboeien
uit de watersport, een houten plaat, wat touw, riet en wat
schroefjes heb ik een drijvend gevaarte in elkaar gezet.
Voorwaarde was dat in zowel diep als ondiep water ingezet moet
kunnen worden. Bij dit model lukt dit. Ik lig op het vlot met de
camera voor me. Met behulp van een neopreenpak blijf ik warm en
met mijn benen zet ik af op de bodem of watertrappel ik om
vooruit te komen. In het begin moest ik nog de nodige
wijzigingen doorvoeren om het werkbaar te maken, maar nu gaat
het goed. Zeker nadat ik in september 2007 een vaste aanlegplek
heb weten te regelen bij een plasje in de buurt. Dit scheelt een
hoop gesjouw met het hutje elke keer. Dus ik ben nog zeker niet
uitgedobberd!
In januari 2008 heb ik de
bovenkant van de hut aangepast. De zijplaten zaten met
klemmetjes vast, maar dit ging toch regelmatig los. Nu heb ik er
een puntdak op gemaakt. Dit is een stuk steviger en de hut is
bovendien kleiner geworden. Op het dak heb ik riet aangebracht
voor een goede camouflage. Op de middelste foto is te zien hoe
de hut er nu uitziet. Hopelijk gaan de vogels erin trappen!
Inmiddels ben ik aanbeland bij phase
III van de drijfhut. Het puntjedakje bleek toch te krap. Ik had
nauwelijks bewegingsruimte voor mijn schouders. Toen na een
storm het dak eraf was gewaaid, heb ik besloten om er toch weer
(lage) zijwanden op te plaatsen. En voor het dakje gebruik ik
weer gewoon een stukje landbouwplastic met camouflagenet. En dit
keer wel met stevige klemmetjes! De 1 na onderste foto geeft een
beeld van hoe de drijfhut er nu uitziet. Daaronder zie je een
overzichtsfoto van het plasje waar ik regelmatig dobber.
|

 
|
Drijfhut Phase I |
|

|
Drijfhut Phase II |
|

|
Drijfhut Phase III |
|
 |
Vaste ligplaats drijfhut |
De boshut
In de loop van
2008 ontstond bij mij het idee om een soort ingegraven hut te
maken in een stukje bos. Vijvertje ervoor en wat mooie takken er
rondom en schieten maar! Het klinkt eenvoudig, maar het lastigst
is natuurlijk om een goede locatie te vinden. Gelukkig is dit
gelukt en wel via een contact dat ik heb opgedaan op de fotoclub
in Apeldoorn (Koos Dansen). Hij heeft wat contacten met
beheerders en zo mochten we een hutje aanleggen in een fraai
stukje bos. Van wat oude pallets en afvalhout hebben we iets in
elkaar geknutseld. Je zit zelf zo'n 60 cm in de grond en dat
geeft je de mogelijkheid om de vogels vanaf een mooi laag
standpunt te fotograferen. Vanuit de hut kijken we recht op een
door ons aangelegd mini vijvertje. We zijn begonnen met voeren
en het trekt al behoorlijk wat vogels aan. De komende tijd kun
je dus regelmatig foto's zien waarbij staat, genomen vanuit de
boshut (deze dus).

Boshut in het najaar van 2008
1vIn de herfstvakantie van 2011
heb ik een spiegelende ruit geplaatst om ervoor te zorgen dat de
vogels geen enkele beweging meer zien in de hut. Daarnaast heb
je door de relatief grote spiegelende ruit een mooi overzicht
van wat er voor je gebeurt. Je kunt dus van binnen naar buiten
kijken, maar niet van buiten naar binnen. We fotograferen gewoon
door de ruit heen. Naast een beetje lichtverlies (1 stop) zie je
dat verder niet op de foto's. En we hebben inmiddels gemerkt dat
het goed werkt, want de eerste weken kregen we een aantal nieuwe
(schuwe) soorten, zoals de havik, de goudvink, koperwieken en
een groen specht. Hier wat foto's van de boshut in het najaar
van 2011. Daarnaast nog een fimpje die ik met de gewone lens
(24mm) heb gemaakt vanuit de boshut.


Filmpje uitzicht boshut
Beren!
In juni 2008 ben ik met mijn
maat Dirk-jan van Unen (www.ifornature.nl)
naar Finland gegaan om beren te fotograferen. Veel mensen
vroegen me hoe doe je dat nu, beren fotograferen? En, is het
gevaarlijk? Om met het laatste te beginnen, nee, zeker niet als
je je verstand erbij houdt. Over het algemeen zijn de beren daar
schuw en zullen geen agressief gedrag vertonen. En nu de eerste
vraag, dat is ook makkelijker dan het lijkt. In de buurt van
Kumho woont een Fin die een logde heeft ingericht speciaal om
fotografen te ontvangen die beren willen fotograferen (zie
www.wbb.fi). In de buurt van de
logde is een meertje waar een aantal hutjes staan opgesteld.
Daar kun je dan de nacht doorbrengen, omdat de beren in de late
en vroege uurtjes het meest actief zijn. Elke dag legt Arie
(eigenaar) wat zalm neer, zodat de beren bijna elke nacht wel in
de buurt komen.
Na het avondeten vertrek je om 5 uur 's middags richting de
hutjes over een smal wandelpad. Na een kleine kilometer kom je
bij het plasje met de hutjes. De hutjes zijn klein, maar
functioneel (2 x 1 m.) En daar moet je dan inblijven tot
de volgende ochtend 7 uur! Gelukkig is er wel een soort
primitief stapelbed, maar de WC is gewoon een emmer. Toch
duurden de nachten niet lang. Het licht is er zeker in juni
fantastisch, zodat je bijna de hele nacht door kan fotograferen.
Hier foto's van de making of.
|

Wandelpad naar de hutjes langs het
meer |
|

Overzichtsplaatje met de
hutjes (in totaal 6) |
|

Hutje 5 en 6 wat
dichterbij. |
|

Interieur van een hutje.
Emmer dient als WC. |
|

Uitzicht vanuit een hutje |
|

Laat de beren maar komen! |
|

's Ochtends moe maar
voldaan weer terug richting de logde. |
|